De maatschap: een conflict begeleid door Het Conflictwarenhuis.

In een maatschap is onenigheid ontstaan. Behalve inhoudelijke meningsverschillen (de te varen koers naar de toekomst, geldkwesties etc. ) ligt onder het oppervlak een toenemend relatieconflict. Het lukt een aantal maten niet meer om op gelijkwaardige wijze met elkaar te communiceren.

Uiteindelijk is dit geëscaleerd en heeft één van de maten (F.) aangegeven niet meer in de organisatie werkzaam te kunnen zijn als een andere maat (G.) eveneens binnen de maatschap zal blijven werken.

De situatie is hoog opgelopen. Daarbij is de sfeer tussen F. en G. zo gespannen, dat het ten koste van de gezondheid van beiden gaat.

Het Conflictwarenhuis wordt ingeschakeld. De gekozen conflictadviseur gaat met alle maten een gesprek aan om te horen hoe zij de situatie ervaren en wat volgens ieder van hen de beste oplossingen zijn. De gesprekken zijn niet geheim en niet ‘juridisch’ vertrouwelijk. Wel neemt de conflictadviseur ervaring, tact en discretie mee om een vertrouwensbasis op te bouwen. De bedoeling van de conflictadviseur is te komen tot een conflictanalyse waarna hij de meest aangewezen oplossingsmethode (of combinaties ervan) kan adviseren.

Enige tijd later wordt de conflictadviseur uitgenodigd als gast bij de maatschapvergadering. De conflictadviseur koppelt de gespreksresultaten op hoofdlijnen terug. Er zijn drie wezenlijke problemen: 1. Binnen de groep is er eigenlijk niemand conflictvaardig, zodat elke aanvaring uitmondt in ’ fight or flight’-reacties. 2. In het verleden gemaakte onderlinge financiële afspraken liggen onder druk door de vanwege de crisis opgetreden omzetvermindering en 3. De verhouding tussen F. en G. lijkt onhoudbaar.

De conflictadviseur adviseert het onmiddellijk inzetten van een conflictcoach voor probleem 3 en een gezamenlijke ‘dag op de hei’ voor de problemen 1 en 2 (in aanwezigheid van hemzelf als informeel mediator en een conflictcoach).

Na dit advies heeft een conflictcoach een individueel gesprek met F. en een individueel gesprek met G. Het doel van dit gesprek is om te peilen hoe conflictvaardig de beide maten zijn. Hoe ziet men elkaar en hoe neemt ieder verantwoording voor het eigen aandeel in het conflict? Daarbij neemt de conflictcoach de tijd om in deze gesprekken wat dieper in te gaan op wat onderliggend speelt.

De gesprekken leveren wat op. Beide maten worden gespiegeld in hun ineffectieve gedrag en communicatie. Er wordt met hen besproken wat nodig is om zich effectief in te kunnen zetten. Daarnaast realiseert de ene maat zich tijdens het conflictcoachgesprek dat verandering van werkplek eigenlijk tegemoet komt aan een al langer sluimerend verlangen. De andere maat heeft na het conflictcoachgesprek helder wat maakt dat relatie met de andere maat niet meer werkt en hoe een  dergelijke escalatie naar de toekomst voorkomen kan worden.

De ‘dag op de hei’ wordt voorgezeten door de mediator. In de eerste instantie stelt hij zich op als neutraal voorzitter en heeft de conflictcoach het initiatief: zij schept klaarheid in een aantal onderliggende patronen en helpt de aanwezigen bij hun emoties, gevoelens en echte wensen te komen. Dat leidt tot de conclusie dat verdere samenwerking met G. niet meer wenselijk is.

Wanneer de onderhandelingen beginnen om G. uit te kopen, handelt de neutraal voorzitter met instemming van partijen  vanuit zijn  mediatorschap. De conflictcoach begeleidt gedurende een deel van die tijd in een aparte ruimte G.

Het eindresultaat is dat – hoewel niemand blij is dat het zover heeft kunnen komen – met algemene instemming G. de maatschap zal verlaten en de financiële zaken naar tevredenheid zijn geregeld. Aan de maten, met in het bijzonder aan G., wordt een nazorgtraject aangeboden. Als men hieraan behoefte heeft zal hiervoor in de toekomst een afspraak worden gemaakt.

Odile Seebregts en Dick Bonenkamp